in ,

Saskia’s zoon (11) pleegde zelfmoord: “Nietsvermoedend liep ik naar boven”

Jelle is pas 11 jaar als hij – in 2003 – een einde aan zijn jonge leven maakt. Zijn moeder Saskia, vader Marcel en zus Roxan blijven met een hoop vragen achter. “Ik denk niet dat hij besefte wat hij deed. Of dat hij überhaupt wist wat zelfmoord is.”

“Niemand heeft de zelfmoord van Jelle zien aankomen. Zijn verjaardagsoutfit hing al klaar aan zijn kledingkast, en op zijn bureau lag een stuk papier waarop hij plannen voor zijn 12de levensjaar had geschreven. Daarop stond dat hij uitkeek naar de middelbare school, naar nieuwe vriendjes maken en dat hij hoopte dit jaar wél gescout te worden door zijn lievelingsvoetbalclub. Zijn dromen mochten nooit uitkomen. Vier dagen voor zijn verjaardag was hij dood.”

Nietsvermoedend
“Het was een gewone doordeweekse middag. Jelle zou uit school nog even naar de bibliotheek gaan en ik was met Roxan naar de dokter. Toen ik thuiskwam, zag ik dat hij zijn koekje en pakje drinken ophad. Ik ging ervan uit dat hij aan het voetballen was. Dat deed hij elke dag op het veldje naast ons huis. Ik ging aan de gang met het eten en verwachtte zijn blije koppie elk moment voor het raam te zien. Ik geloof dat ik nog even de was uit de machine wilde halen. Nietsvermoedend liep ik naar boven en toen ik naar de zolder wilde gaan, zag ik Jelle daar hangen. Het enige wat ik kon doen was gillen.”

“Roxan rende naar boven en zag hem ook. Ik schreeuwde dat ze de buurvrouw moest halen. Op de automatische piloot heb ik Jelle losgemaakt. Ik kon niet denken en was compleet lamgeslagen. Zo’n allesoverheersende pijn voelde ik in mijn lichaam. De buurvrouw rende naar boven en heeft hem samen met haar man gereanimeerd. Ik stond ernaast en was in complete paniek. Marcel was als een razende naar huis gekomen en samen gingen we met Jelle mee de ambulance in. Achter in de ziekenwagen spraken we elkaar moed in. Het zou goed komen met Jelle. Hij zou er weer bovenop komen. Een andere optie bestond niet. Ergens diep vanbinnen wist ik toen al dat ik hem te laat had gevonden. In het ziekenhuis werd dat gevoel bevestigd.”

Compleet geleefd
“Thuis kon ik nog steeds niet bevatten dat het over ons ging; dat het over Jelle ging. Alles werd overhoop gehaald door de politie: zijn kamer, computer en wij werden ondervraagd door de recherche. Ik weet nog dat ik dacht dat ik in een aflevering van Baantjer terecht was gekomen. Het was bizar. Ik was mijn kind verloren en ineens waren we zelf onderdeel van een onderzoek. Zelf ging ik ook op zoek. Ik bleef maar denken: wat heb ik nou niet gezien? Wat heb ik gemist? De enige teleurstelling die ik kon bedenken was dat hij niet gescout was voor zijn voetbalclub. Toch had ik niet het idee dat dat heel zwaar voor hem was. Hij had wel zijn stille momenten, maar ik heb daar nooit iets achter gezocht.”

Geliefd
“De dagen na zijn dood kwamen er dagelijks mensen over de vloer, maar alles ging als een waas aan mij voorbij. Ik werd compleet geleefd. Ineens moest ik nadenken over de begrafenis van mijn kind. Inslapen ging door zware medicatie wel, maar de ochtenden waren het ergst. Dan realiseerde ik me keer op keer weer wat er was gebeurd. Jelle was jarig op de dag van de crematie. We hebben thuis nog koffie gedronken voor zijn verjaardag. Jelle lag in een kist die beschilderd was door familie en vrienden. Het was de laatste keer met zijn vieren. Ik stond naast de kist en voelde gewoon dat zijn ziel zijn lichaam verliet. Ik zag er de hele dag tegenop, pas toen lukte het om de kist dicht te doen. Het crematorium was overvol met mensen. Het deed me goed om te zien dat hij zo geliefd was. Hij nodigde het liefst altijd iedereen uit op zijn verjaardag. Dat jaar was het een record.”

Lees ook  Alstu, een lijstje met kortingscodes voor de McDonalds selfservice touchscreens!

Altijd de moeder van
“Ik werkte destijds in de winkel in het dorp, dus ik was altijd ‘de moeder van Jelle’. Ik wilde liever op plekken zijn waar niemand mij kende. Elke keer weer vroegen mensen hoe hij overleden was. Of dan zagen ze me en dan draaiden ze zich snel om en liepen weg. Toen kon ik daar boos om worden, maar inmiddels begrijp ik wel dat zij ook niet wisten wat te doen. Toch heb ik altijd het idee dat ik hem een beetje moet verdedigen. Dat mensen denken dat hij ongelukkig was of problemen had. Er gingen ook verhalen de ronde, dat wij hem gepusht zouden hebben in voetbal. Mensen oordelen altijd zo gauw of zoeken een reden. Maar die hebben wij ook niet. Jelle was een kind dat zijn daden nog niet kon overzien. Ik denk niet dat Jelle überhaupt wist wat zelfmoord is. Als hij écht wist wat hij deed, had hij wel een briefje geschreven. Dan was hij niet naar de bieb gegaan. Dan had hij niet meer gedronken of gegeten. We weten niet waarom hij dit heeft gedaan.”

“De psycholoog suggereerde dat het een vlaag van verstandsverbijstering kan zijn geweest. Dat hij door hormonen plotseling in een zwart gat geraakt is. Zelf heb ik een andere verklaring. Ik denk dat het een ondoordachte zet van hem is geweest, met een fatale afloop. Hij had de film Jackass gezien, over stuntpiloten die gekke dingen deden. Zelf was hij ook een ‘stuntpiloot’. Dan waren we bij een glijbaan en kwam hij er achterstevoren vanaf. Of die keer dat we in Frankrijk waren en ik hem zei dat hij in de boot moest blijven omdat het te diep was, maar hij een paar seconden later tóch in het water lag. Hij kende geen angst of gevaar. Ik heb altijd al gedacht: hem overkomt een keer wat. Ik ben helemaal niet zweverig, maar de nacht na zijn dood zag ik hem op de rand van het bed zitten. Hij herhaalde steeds: ‘Mama, ik heb dit niet gewild.’ Mijn vader, een nuchtere Achterhoeker die niet in het bovennatuurlijke gelooft, kwam de volgende ochtend ook langs om te vertellen dat hij Jelle had gezien en dat hij hem vertelde dat hij het nooit heeft gewild. Dat was een bevestiging van wat ik voelde.”

Lees ook  Maak kennis met Merel, de lekkere zus van Jutta Leerdam

Nooit meer lachen
“We hebben een leven voor en een leven na de dood van Jelle. In het begin denk je: ik kan nooit meer lachen, nooit meer zingen. Ik kon ook nauwelijks lekkere dingen eten. Als ik een ijsje at, dacht ik: Jelle was zó dol op ijs. Ik voelde me schuldig als ik genoot. Ik heb ooit een moment gehad dat ik zó wanhopig was dat ik bij de trein stond en dacht: nu ga ik ervoor liggen. Ik was zo klaar met de pijn. Maar direct dacht ik aan mijn dochter Roxan. Dan zou zij het gevoel hebben dat ze er niet meer toe doet. Dat ik Jelle verkies boven haar. Gelukkig was mijn verstand op dat moment sterk en heb ik ervan afgezien. Marcel en Roxan waren en zijn mijn drijfveren om door te gaan. Maar ik begrijp wel dat mensen er een eind aan maken of zichzelf pijn doen. Je kunt zo’n geestelijke pijn hebben dat je liever lichamelijke pijn wilt voelen.”

“Alleen met mijn man Marcel kon ik mijn verdriet delen. Hij was de enige die écht wist waar ik doorheen ging. Urenlang wandelden we in het bos met de hond. Dat was onze therapie. Marcel is een heel lieve man en we hebben ondanks wat er gebeurd is een goed huwelijk. Al hebben we ook dalen gekend, net als Roxan. Zij was ineens haar broer kwijt. Ik heb er alles aan gedaan om een warm thuis te behouden. Zo stimuleerde ik dat ze vriendinnetjes mee naar huis nam en mocht er ook altijd iemand mee op vakantie. Ze was toch ineens alleen. Laatst vertelde ze dat ze ondanks het verlies van Jelle toch een fijne jeugd heeft gehad. Dat was zó fijn om te horen. Dan hebben we het toch goed gedaan.”

Overal vlinders
“Ik heb het gevoel dat Jelle er altijd nog een beetje bij is. De zomer na zijn dood waren overal vlinders. Waar ik ook was, er was altijd een oranje vlinder. Dan kwam ik bij de begraafplaats, zat er één op de steen. Stapte ik op de fiets, zat er één op mijn stuur. Tijdens een vakantie in België wilden we de sleutel in het slot steken, zat er een grote vlinder op de muur. Dan zeiden we hardop: ‘Jelle is er ook bij.’ Dat gaf ons steun. De scherpe randjes van het verlies van Jelle gaan er na verloop van tijd vanaf. Toch word ik, zoveel jaren later, nog elke dag met het gemis geconfronteerd. Ik heb er nog altijd moeite mee om langs ons oude huis te fietsen. Zijn vrienden zie ik ouder worden, trouwen en kinderen krijgen. Dat zal ik met Jelle nooit meemaken. Dat doet nog steeds pijn. Maar ik ben niet verbitterd geworden. Ik probeer de herinneringen die we samen hebben te koesteren en te genieten van het leven zoals het nu is. Maar het verlies van mijn kind zal ik nooit een plekje kunnen geven.”

Worstel jij zelf ook met zelfmoordgedachten of ken je iemand in je omgeving? Neem contact op met 113 Zelfmoordpreventie via 0900-0113.

Maikel verwaarloost pup enorm: ‘Het was voor mij moeilijk om de juiste voeding in te schatten’

EMA blijft achter AstraZeneca staan: “Voordelen vaccin groter dan risico op zeldzame bijwerkingen”